De discussie over de Broadcom wijzigingen rondom VMware gaat vaak over licenties en contracten. Minstens zo belangrijk is de impact van VMware Cloud Foundation (VCF) op jouw teams, architectuur en roadmap. VCF is al geruime tijd de geïntegreerde standaard voor private cloud – maar de druk om bestaande omgevingen daadwerkelijk te consolideren en optimaliseren neemt toe. In dit artikel zoomen we niet in op de “papieren kant”, maar op de dagelijkse praktijk van infra teams en architecten.
Van losse bouwstenen naar één geïntegreerd platform
Jarenlang bouwden veel MSP’s hun platform op losse VMware componenten: vSphere, vSAN, NSX, vRealize, elk met een eigen lifecycle en beheerproces. VMware Cloud Foundation is al langere tijd de geïntegreerde standaard voor private cloud. VCF bundelt compute, storage, networking, Kubernetes integratie en management in één stack, inclusief lifecycle automatisering en centraal beheer.
Dat heeft voordelen: minder losse producten, een consistenter platform en betere automatisering. Tegelijkertijd betekent de consolidatie naar VCF dat je architectuur en operations niet meer “business as usual” zijn – zeker als je omgeving historisch gegroeid is vanuit losse componenten.
Waarom dit méér is dan een licentiewijziging
Als je alleen naar licenties kijkt, lijkt de verandering vooral een pricing en contractdiscussie. In werkelijkheid verschuift het hele consumptiemodel. Broadcom heeft de productlijn vereenvoudigd naar VCF en een beperkt aantal alternatieve SKU’s, met VCF als duidelijk eindstation.
Concreet voor jouw organisatie:
- Lifecycle en patching verlopen via gestroomlijnde VCF processen in plaats van losse component upgrades.
- Monitoring, security en compliance worden meer centraal geregeld binnen het platform.
- Je infra team gaat minder “handmatig bouwen” en meer werken met geïntegreerde templates, domains en automatisering.
Wie dit onderschat, loopt het risico op een VCF platform dat technisch wel draait, maar organisatorisch niet landt.
Impact op MSP teams: van vSphere beheren naar VCF runnen
Voor veel engineers voelt VCF eerst als “meer van hetzelfde met een andere naam”. In de praktijk verandert hun werk:
- Skillset: naast klassieke vSphere kennis is er meer focus nodig op automation, lifecycle management en integratie met container/Kubernetes diensten.
- Processen: change, release en incidentprocessen moeten aansluiten op de VCF lifecycle, niet op losse point releases.
- Samenwerking: infra teams, security en platform teams moeten nauwer samenwerken omdat VCF deze disciplines dichter bij elkaar brengt.
Tel daarbij op dat oudere versies versneld worden uitgefaseerd en je krijgt een stevige druk op teams om zich opnieuw te oriënteren.
Impact op architectuur en hardware
VCF vraagt om een doordachte architectuur: management domains, workload domains en duidelijke scheidslijnen tussen klantomgevingen. Bestaande hardware is niet altijd zonder meer geschikt:
- Niet alle bestaande clusters voldoen aan de ondersteuningseisen voor de nieuwste VCF versies.
- Resource planning verandert: je moet rekening houden met management overhead, workload domains en toekomstige groei.
- In sommige gevallen is het efficiënter om hardware te vernieuwen of te hersegmenteren dan om bestaande configuraties in VCF te drukken.
Zonder een goede architectuurschets loop je het risico op hogere kosten of een suboptimale omgeving die lastig te beheren is.
Drie routes voor MSP’s
Grofweg zien we drie routes voor MSP’s die nu VMware diensten leveren:
- Zelf een VCF platform bouwen
Je behoudt maximale controle over de volledige stack. Je schaft VMware licenties aan op naam van de klant (resell) en plaatst deze op dedicated hardware, volledig single-tenant, zonder gedeelde infrastructuur. Dat geeft klanten maximale autonomie en een duidelijke eigendomsstructuur. Daar staan wel stevige investeringen tegenover: hardware, licenties, skills en 24/7 supportcapaciteit voor het platform. Deze route is dan ook vooral haalbaar voor grotere MSP’s met voldoende schaal en dedicated platformteams. Door een dedicated hardware stack per klant op te bouwen, is er sprake van meer lucht in het platform waardoor de (kosten)efficiëntie naar beneden gaat en de beheer last omhoog.
- Re-platformen naar een alternatief
Je verlaat VMware (deels of volledig) en kiest een ander virtualisatie en cloudstack. Dat kan strategisch logisch zijn, maar vraagt vaak een ingrijpende migratie en herbouw van klantomgevingen. Ook is er dan sprake van dubbele kosten door opbouw en inzet van een tweede platform en afleiding van de focus van de organisatie. Verder brengen migraties als deze operationele risico’s met zich mee.
- Aansluiten op een bestaand Pinnacle platform
Je kiest voor samenwerking met een geautoriseerde Pinnacle partner met een VCF platform. Je behoudt de regie richting je eindklanten, maar besteedt platform, licenties en lifecycle uit aan een partij die hierin gespecialiseerd is.
Welke route je ook kiest: de implicaties voor je teams en architectuur zijn minstens zo belangrijk als de licentiekant.
De rol van een Pinnacle partner als Uniserver
Als Broadcom Advantage Pinnacle Partner voor VMware Cloud Service Providers mag Uniserver een eigen VCF platform exploiteren en beschikbaar maken voor MSP’s. Deze positie is voorbehouden aan een beperkte groep partners met bewezen schaal en expertise.
Voor MSP’s betekent dit:
- Toegang tot een geautoriseerd VCF platform in een soevereine, Nederlandse cloud.
- Een partner only model: Uniserver levert het platform, de MSP blijft het gezicht naar de klant.
- Ondersteuning van gecertificeerde specialisten die zowel de technische als commerciële implicaties van de VCF transitie begrijpen.
Je teams kunnen zich richten op klantwaarde – beheer, security, applicaties, data en AI – terwijl het onderliggende platform, lifecycle en compliance geborgd zijn.
Wil je weten of jouw huidige omgeving en hardware optimaal zijn ingericht voor VCF en wat dit betekent voor je teams? Plan een VCF architectuur en teamimpact sessie met met Rick Glas (r.glas@uniserver.nl) . In één sessie brengen we samen in kaart waar je vandaag staat, welke route het beste past en welke stappen nodig zijn om gecontroleerd richting een geoptimaliseerde VCF omgeving te bewegen.

